[Covid-19] Het personeel van de lokale besturen

De minister van Plaatselijke Besturen, de heer Bernard Clerfayt, heeft op 10 april 2020 een omzendbrief rondgestuurd over de werking van gemeentelijke diensten tijdens de lockdown en meer bepaald over de mogelijke gevolgen van deze gezondheidscrisis voor het statutair en het contractueel gemeentepersoneel.


Doel van de omzendbrief is om de coronamaatregelen uniform en consistent toe te passen op het statutair en contractueel gemeentepersoneel terwijl de continuïteit van de openbare dienstverlening gewaarborgd wordt.

De omzendbrief maakt een onderscheid tussen essentiële en niet-essentiële opdrachten.

Samengevat:


1 . Essentiële opdrachten

 

Essentiële opdrachten zijn opdrachten die de continuïteit van de openbare dienstverlening waarborgen. Een niet-exhaustieve lijst is in de omzendbrief opgenomen: "de noodvoorzieningen en minimale sociale diensten die door het OCMW worden verleend, de betaling van lonen aan personeelsleden, de betaling van facturen en subsidies, het beheer van overheidsopdrachten, de administratieve en logistieke ondersteuning waardoor telewerkers hun opdrachten op afstand kunnen vervullen, enz.”. 

Elk plaatselijk bestuur moet zelf die opdrachten specificeren. 

Er kunnen zich twee scenario’s voordoen:

  • Ofwel is telewerken onmogelijk: in dat geval gaat de werknemer naar zijn werk, maar zijn leidinggevende “zal alles in het werk stellen om de sociale afstand te respecteren en het aantal personeelsleden dat tegelijkertijd op de werkplek aanwezig is, zo beperkt mogelijk te houden”.

  • Ofwel is telewerken mogelijk: de werknemer zal dan moeten telewerken. Er wordt echter gepreciseerd dat "indien de werknemer zich op een welbepaald ogenblik naar zijn werkplek moet begeven, deze prestatie beperkt blijft tot de strikt noodzakelijke tijd om de continuïteit van de dienst te garanderen”. De leidinggevende moet er ook voor zorgen dat de regels rond social distancing worden nageleefd en moet het aantal personeelsleden dat tegelijkertijd aanwezig is op de werkplek, beperken.


2. Niet-essentiële opdrachten

 

Deze opdrachten worden via telewerk uitgevoerd.

Opdrachten die niet essentieel zijn en die niet via telewerk kunnen worden uitgevoerd, worden opgeschort. In voorkomend geval “beveelt de toezichthoudende overheid aan om, indien het niet mogelijk is om hen andere taken te laten vervullen die compatibel zijn met telewerken, alle personeelsleden, statutair en contractueel, vrij te stellen van dienstverlening wegens overmacht. Het personeelslid zal zijn bezoldiging en de daarbij behorende voordelen bijgevolg behouden”.

Kiest het plaatselijk bestuur er evenwel voor om sommige personeelsleden in het systeem van tijdelijke werkloosheid te plaatsen, dan verzoekt de minister de besturen om het nettoverlies van hun bezoldiging geheel of gedeeltelijk te compenseren, door het personeelslid bijvoorbeeld een uitzonderlijke maandelijkse vergoeding uit te betalen.

Meer informatie hierover vindt u op: 



« Terug

Auteur

Valentine Snoeck
Publicatiedatum
17-04-2020
Algemene voorwaarden | RSS | Nuttige links