BTW: nieuwe bepalingen in 2016

Een omzendbrief geeft toelichting bij de toepassing van de BTW op de operatoren van de overheidssector. De VSGB organiseerde een infosessie. Op 27 april publiceerde de FOD Financiën een beslissing die de FAQ aanvult en die de terbeschikkingstelling van personeel door een publiekrechtelijk lichaam preciseert.

Op 10 december 2015 publiceerde de fiscale administratie een omzendbrief waarin belangrijke vragen beantwoord worden betreffende de onderwerping van publiekrechtelijke lichamen aan de BTW, die op 1 juli 2016 in werking treedt.

Enkele belangrijke elementen die de omzendbrief verduidelijkt:

1. Handelingen verricht als openbare overheid in principe niet onderworpen

 

De Administratie gaat ervan uit dat de publiekrechtelijke lichamen in België in principe altijd als openbare overheid optreden en dus niet BTW-plichtig zijn. Toch is een definitie die enkel berust op het voorwerp van de activiteit ongepast. De omzendbrief preciseert dat we op basis van de algemene context en de modaliteiten van uitoefening van de activiteiten kunnen nagaan hoe ver de niet-onderwerping reikt.

2. Drempel van 25.000 euro jaarlijkse omzet

Het BTW-wetboek legt een aantal gevallen vast waarin de publiekrechtelijke lichamen ambtshalve aan de BTW onderworpen moeten worden en voert daarbij begrippen in zoals “concurrentieverstoring” of activiteiten die “niet van onbeduidende omvang” zijn. De omzendbrief preciseert in dat kader dat een activiteit 'van onbeduidende omvang' is en er geen ‘concurrentieverstoring van enige betekenis’ weerhouden moet worden als de jaarlijkse omzet van een economische activiteit de 25.000 euro niet overschrijdt. De omzendbrief preciseert dat het gaat om een maximumgrens per activiteitstype.

3. Handelingen die gratis verricht worden

De omzendbrief verschaft duidelijkheid over dit begrip, zoals gratis concerten, het aanbieden van woningen en maaltijden aan behoeftigen en alle andere gratis verstrekkingen: deze handelingen zijn niet aan de BTW onderworpen.

4. Werk in onroerende staat uitgevoerd door een publiekrechtelijk lichaam, met eigen personeel, voor de doeleinden van zijn economische activiteit

Met het oog op vereenvoudiging aanvaardt de Administratie dat er geen BTW verschuldigd is ten aanzien van werken van onderhoud, herstel of schoonmaak verricht door het personeel van een publiekrechtelijk organisme voor de doeleinden van dat organisme.

5. Plaats voor de dienst (intracommunautaire uitwisselingen)

De omzendbrief vermeldt de drempel van 11.200 euro voor intracommunautaire verwerving van goederen.

6. Subsidies en diverse bijstand

De omzendbrief onderstreept dat als de subsidie aan het gesubsidieerde organisme toegekend wordt specifiek opdat het een bepaald goed of dienst zou leveren, het gaat om een geval dat aan de BTW onderworpen is, aangezien de subsidie de werkelijk gedragen kosten verlaagt en die daling een weerslag heeft op de verkoopprijzen.

7. Recht op aftrek van de voorbelasting

Publiekrechtelijke lichamen oefenen vaak activiteiten uit die aan de BTW onderworpen zijn, waarvoor goederen en diensten gebruikt worden die ook dienen voor de uitoefening van niet-onderworpen activiteiten: dat is het geval bij de “gemengde kosten”, waarvoor de vraag gesteld wordt van hun BTW-aftrekbaarheid. De omzendbrief geeft voorbeelden die de mogelijke aftrek illustreren en de manier om ze te berekenen.

Actie VSGB: vragensessie met deskundigen van FOD Financiën en KMPG Tax & Legal Advisers

 

Om gemeenten en OCMW’s zo goed mogelijk voor te bereiden op de verwachte wijzigingen, organiseerde de VSGB op 19 april een infosessie met de FOD Financiën. Ter ondersteuning kwam ook KMPG Tax & Legal Advisers met zijn knowhow.

Update: de FOD vult zijn beslissing aan in april 2016


Eind april publiceerde de FOD Financiën een beslissing nr. E.T.129.914 dd. 27.04.2016 ter aanvulling op de FAQ die het voorwerp waren van beslissing nr. E.T.128.015 dd. 12.02.2016 betreffende de onderwerping van OCMW-verenigingen aan de BTW.

Diezelfde beslissing preciseert ook de administratieve positie betreffende de terbeschikkingstelling van personeel door een publiekrechtelijk lichaam, zoals opgenomen in punt 17 van voorvermelde beslissing.

Zie ook

Wettelijke basis


« Terug

Auteur

Leopoldina CACCIA DOMINIONI
Publicatiedatum
26-05-2016
Algemene voorwaarden | RSS | Nuttige links