Transparantie: Nieuwe onverenigbaarheden voor burgemeesters, schepenen en OCMW-voorzitters

Twee nieuwe ordonnanties, verschenen in het Belgisch Staatsblad van 24 juli, verruimen de functies die niet verenigbaar zijn met het mandaat van burgemeester, schepen en OCMW-voorzitter.

Nieuwe onverenigbaarheden voor burgemeesters en schepenen

Artikel 72 van de Nieuwe Gemeentewet (NGW) voorziet in een reeks onverenigbaarheden voor burgemeesters en schepenen: zo mogen zij bijvoorbeeld niet tegelijkertijd lid zijn van hoven en rechtbanken of bedienaar van de eredienst zijn.

Sinds de wijziging door de ordonnantie van 27 februari 2014 tot wijziging van de nieuwe gemeentewet, bepaalt artikel 72 NGW ook dat de burgemeesters en schepenen geen mandaat of leidende functie mogen bekleden in een gewestelijk, gemeenschaps- of gemeenschappelijk gemeenschapsbestuur, in een Brusselse instelling van openbaar nut (ION) of in een intercommunale waarvan de betrokken gemeente deel uitmaakt. Krachtens die laatste wijziging mogen zij evenmin vast lid zijn van het directiecomité van een Brusselse ION of van een intercommunale waarvan hun gemeente deel uitmaakt.

Een nieuwe ordonnantie van 12 juli jl. wijzigt artikel 72 NGW nogmaals en breidt de onverenigbaarheden uit tot "elke andere structuur die onderworpen is aan het toezicht van de Regering, van de Gemeenschapscolleges of van het Verenigd College".

Met andere woorden, burgemeesters en schepenen kunnen niet langer een functie van mandataris uitoefenen, noch een leidende functie bekleden of vast lid zijn van het directiecomité van een gemeentelijke vzw of een autonoom gemeentebedrijf van hun gemeente.

Deze instellingen, evenals de intercommunales, komen immers in de toekomst onder gewestelijk toezicht, krachtens de ordonnantie van 5 juli 2018 betreffende de specifieke gemeentelijke bestuursvormen en de samenwerking tussen gemeenten.

Nieuwe onverenigbaarheden voor OCMW-voorzitters

Tot nu toe waren de onverenigbaarheden die werden ingevoerd door de ordonnanties van 12 juli 2018 en 27 februari 2014, niet van toepassing op OCMW-voorzitters.

Een nieuwe ordonnantie van 19 juli 1976 past voortaan dezelfde beginselen op hen toe, door een artikel 25, §4bis toe te voegen aan de organieke OCMW-wet van 8 juli 1976.

Bijgevolg zal een OCMW-voorzitter niet langer mandataris kunnen zijn noch een leidende functie kunnen uitoefenen in een gewestelijk, gemeenschaps- of gemeenschappelijk gemeenschapsbestuur, in een Brusselse ION, in een intercommunale waarvan de gemeente deel uitmaakt, of een gemeentelijke vzw of een autonoom gemeentebedrijf.

Een OCMW-voorzitter mag ook niet langer vast lid zijn van het directiecomité van een Brussels ION, van een intercommunale waarvan zijn gemeente deel uitmaakt, van een gemeentelijke vzw of van een autonoom gemeentebedrijf van zijn gemeente.

Inwerkingtreding en overgangsbepalingen

De wijzigingen treden in werking op 3 augustus 2018, maar een overgangsbepaling geeft de mandatarissen op wie de nieuwe onverenigbaarheden van toepassing zijn, tot 31 december 2018 (dus na de volgende verkiezingen) de mogelijkheid om hun situatie aan te passen. Bestaande onverenigbaarheden mogen dus voortbestaan tot het einde van de huidige ambtstermijn.

Alle vermelde onverenigbaarheden - met inbegrip van die welke werden ingevoerd bij de ordonnantie van 27 februari 2014 - moeten dus worden nageleefd door burgemeesters, schepenen en OCMW-voorzitters vanaf 1 januari 2019.

Wettelijke basis 

  • Ordonnantie van 12 juli 2018 tot wijziging van de Nieuwe Gemeentewet, B.S. 24 juli 2018, Inforum 322949

Zie onze Gecoördineerde versie van de NGW

  • Ordonnantie van 19 juli 2018 tot wijziging van de organieke wet betreffende de OCMW's van 8 juli 1976, B.S. 24 juli 2018, Inforum 322947

Zie onze Gecoördineerde versie van de organieke OCMW-wet van 8 juli 1976 

« Terug

Auteur

Hadrien DASNOY
Publicatiedatum
06-08-2018
Algemene voorwaarden | RSS | Nuttige links