Titel VII : Toezicht (art. 264 tot 269)

I - Algemene bepalingen
II - Bepalingen betreffende het toezicht op sommige handelingen van de gemeenteoverheden van Komen-Waasten en Voeren



Hoofdstuk I. - Algemene bepalingen


Art. 264. - [Voor de gemeenten van het Duitse taalgebied, de gemeenten genoemd in art. 7 van de wetten op het gebruik van de talen in bestuurszaken, gecoördineerd op 18 juli 1966, en de gemeenten Komen-Waasten en Voeren, kan de provinciegouverneur, bij een met redenen omkleed besluit, de uitvoering schorsen van de beslissing waarbij een gemeenteoverheid [, de politieraad of het politiecollege (W. 7.12.1998, B.S. 5.1.1999)] haar bevoegdheid te buiten gaat, de wet schendt of het algemeen belang schaadt.

Het schorsingsbesluit moet worden genomen binnen veertig dagen nadat het besluit op het provinciaal gouvernement is ingekomen; van het schorsingsbesluit wordt dadelijk kennis gegeven aan de gemeenteoverheid [, de politieraad of het politiecollege (W. 7.12.1998, B.S. 5.1.1999)], die er onverwijld kennis van neemt en het geschorste besluit kan rechtvaardigen.

De overheid wier besluit regelmatig wordt geschorst, kan het intrekken.

Na het verstrijken van de termijn, bepaald in art. 265, par. 2, 2e lid, is de schorsing (...) (K.B. 30.5.1989, B.S. 31.5.1989).]

Art. 265. - [Par. 1. - Na het verstrijken van de vernietigingstermijn kunnen de beslissingen van de gemeenteoverheid behoudens beroep bij de Raad van State, alleen door de wetgevende macht worden vernietigd.

Par. 2. - Voor de gemeenten van het Duitse taalgebied, de gemeenten genoemd in art. 7 van de wet¬ten op het gebruik van de talen in bestuurszaken, gecoördineerd op 18 juli 1966, en de gemeenten Komen-Waasten en Voeren, kan de beslissing waarbij de gemeenteoverheid [, de politieraad of het politiecollege (W. 7.12.1998, B.S. 5.1.1999)] de wet schendt of het algemeen belang schaadt, worden vernietigd bij een met redenen omkleed besluit van:

1° de Koning, als het gaat om één van de gemeenten van het Duitse taalgebied die [(…) (W. 14.5.2000, B.S. 31.5.2000)] meer dan 20.000 inwoners telt;

2° de Gewestexecutieve, als het gaat om één van de gemeenten genoemd in art. 7 van de wetten op het gebruik van de talen in bestuurszaken, gecoördineerd op 18 juli 1966, die [(…) (W. 14.5.2000, B.S. 31.5.2000)] meer dan 20.000 inwoners telt;

3° de Koning en de provinciegouverneur, als het gaat om één van de gemeenten van het Duitse taalgebied, die [(…) (W. 14.5.2000, B.S. 31.5.2000)] 20.000 of minder inwoners telt;

4° de Gewestexecutieve en de provinciegouverneur, als het gaat om één van de gemeenten genoemd in art. 7 van de wetten op het gebruik van de talen in bestuurszaken, gecoördineerd op 18 juli 1966, die [(…) (W. 14.5.2000, B.S. 31.5.2000)] 20.000 of minder inwoners telt;

5° de provinciegouverneur, overeenkomstig par. 3, als het gaat om de gemeente Komen-Waasten of de gemeente Voeren.

Het vernietigingsbesluit moet worden genomen binnen veertig dagen nadat het besluit op het provinciaal gouvernement is ingekomen, of in voorkomend geval binnen veertig dagen nadat het door de bestendige deputatie van de provincieraad goedgekeurd is of nadat de akte waaruit blijkt dat de gemeenteoverheid [, de politieraad of het politiecollege (W. 7.12.1998, B.S. 5.1.1999)] kennis heeft genomen van de schorsing, op het provinciaal gouvernement is ingekomen.

Het door de gouverneur genomen vernietigingsbesluit wordt ter kennis gebracht van de betrokkenen en bij uittreksel bekendgemaakt in het Bestuursmemoriaal.

De Koning, voor de gemeenten van het Duitse taalgebied, en de Gewestexecutieve, voor de gemeenten genoemd in art. 7 van de wetten op het gebruik van de talen in bestuurszaken, gecoördineerd op 18 juli 1966, en de gemeenten Komen-Waasten en Voeren, kunnen het vernietigingsbesluit van de gouverneur onverminderd de onmiddellijke toepassing ervan teniet doen binnen een maand, te rekenen van de dag waarop bij een ter post aangetekend schrijven, een afschrift ter kennisgeving aan de gemeente [, aan de politieraad of aan het politiecollege (W. 19.4.1999, B.S. 13.5.1999)] is gezonden.

Par. 3. - Met uitzondering van de vernietigingsbesluiten genomen uitsluitend wegens schending van de taalwetgeving, worden de vernietigingsbesluiten van een beslissing van een gemeenteoverheid [, de politieraad of het politiecollege (W. 7.12.1998, B.S. 5.1.1999)] van Komen-Waasten of Voeren genomen door de gouverneur op eensluidend advies van het in art. 131bis van de provinciewet bedoelde college van provinciegouverneurs.

Elke beslissing tot voorstel van vernietiging wordt dadelijk betekend aan de gemeenteoverheid [, de politieraad of het politiecollege (W. 7.12.1998, B.S. 5.1.1999)].

Wanneer over het voorstel tot vernietiging een negatief advies wordt uitgebracht, kan de gouverneur eventueel een tweede en laatste met andere redenen omkleed voorstel doen. De provinciegouverneur kan niet meer vernietigen ingeval het college van provinciegouverneurs over dit tweede voorstel een nieuw negatief advies uitbrengt. Hij kan ofwel zich onthouden, ofwel aan de gemeente [, aan de politieraad of aan het politiecollege (W. 19.4.1999, B.S. 13.5.1999)] meedelen dat hij van de vernietiging afziet, waardoor de schorsing van rechtswege wordt (...) (K.B. 30.5.1989, B.S. 31.5.1989).]

Art. 266. - [De provinciegouverneur of de bestendige deputatie van de provincieraad, voor de ge¬meenten van het Duitse taalgebied en de gemeenten genoemd in art. 7 van de wetten op het gebruik van de talen in bestuurszaken, gecoördineerd op 18 juli 1966, de provinciegouverneur, op eenslui¬dend advies van het in art. 131bis van de provinciewet bedoelde college van provinciegouverneurs, voor de gemeenten Komen-Waasten en Voeren, kan, na twee opeenvolgende uit de briefwisseling blijkende waarschuwingen, een of meer commissarissen gelasten zich ter plaatse te begeven, op de persoonlijke kosten van de gemeentelijke overheidspersonen [, de politieraad of het politiecollege (W. 19.4.1999, B.S. 13.5.1999)] die verzuimd hebben aan de waarschuwingen gevolg te geven, ten einde gevraagde inlichtingen of opmerkingen in te zamelen of de maatregelen ten uitvoer te brengen die zijn voorgeschreven bij de wetten, decreten, verordeningen en besluiten van de Staat, de Gewesten, de Gemeenschappen en de provinciale instellingen.

De invordering van de kosten ten laste van de gemeenteoverheden geschiedt, zoals inzake directe belastingen, door de rijksontvanger, nadat de bestendige deputatie of de gouverneur het bevelschrift uitvoerbaar heeft verklaard.

In alle gevallen staat beroep open bij de Koning, als het gaat om één van de gemeenten van het Duitse taalgebied, en bij de Gewestexecutieve, als het gaat om één van de gemeenten genoemd in art. 7 van de wetten op het gebruik van de talen in bestuurszaken, gecoördineerd op 18 juli 1966, de gemeente Komen-Waasten of de gemeente Voeren (K.B. 30.5.1989, B.S. 31.5.1989).]

Hoofdstuk II. - [Bepalingen betreffende het toezicht op sommige handelingen van de gemeenteoverheden van Komen-Waasten en Voeren

(K.B. 30.5.1989, B.S. 31.5.1989)]

Art. 267. - [In de gevallen bedoeld in de art. 12, par. 3, 28, par. 3, 39, par. 2, 41, 65, par. 3, 68, par. 3, 146, par. 2, 150, par. 3, 155, par. 3, 231, par. 3, 2°, 235, par. 1, 2e lid, 244, par. 1, 2e lid, 249, par. 3, 258, par. 3, 1e lid, 2°, kan de provinciegouverneur slechts de goedkeuring weigeren op eensluidend en met redenen omkleed advies van het in art. 131bis van de provinciewet bedoelde college van provinciegouverneurs, behalve wanneer zij geweigerd wordt wegens schending van de taalwetgeving (K.B. 30.5.1989, B.S. 31.5.1989).]

Art. 268. - [Niettegenstaande elke andersluidende bepaling, zijn de beslissingen onderworpen aan de goedkeuring krachtens de in art. 267 bedoelde bepalingen van rechtswege uitvoerbaar, als de gouverneur binnen negentig dagen niet heeft voorgesteld de goedkeuring te weigeren (K.B. 30.5.1989, B.S. 31.5.1989).]

Art. 269. - [Als over het voorstel tot weigering van de goedkeuring een negatief advies wordt uitgebracht, kan de gouverneur een tweede en laatste met andere redenen omkleed voorstel doen binnen dertig dagen na de ontvangst van het negatief advies.

Bij ontstentenis van een tweede voorstel, is de handeling van rechtswege goedgekeurd bij het verstrijken van de voormelde termijn van dertig dagen.

Als over het tweede voorstel opnieuw een negatief advies wordt uitgebracht, is de gouverneur gehouden zijn goedkeuring te verlenen; bij ontstentenis van deze goedkeuring binnen de voormelde termijn van dertig dagen, is de handeling van rechtswege goedgekeurd (K.B. 30.5.1989, B.S. 31.5.1989).]

Laatste bijwerking

09.07.2007
Verwante documenten
Algemene voorwaarden | RSS | Nuttige links