Groen licht voor belastingen op vertoningen

In een recent arrest verklaart na de Raad van State in 2010 nu ook het Grondwettelijk Hof de gemeentebelastingen op evenementen en vertoningen geldig, die berekend worden op basis van de bruto-ontvangsten of ontvangen entreegelden van de exploitant.


Belastingen op evenementen en vertoningen voortaan mogelijk

 

De organisatoren van vertoningen en vermakelijkheden zijn onderworpen aan hetzij de personenbelasting, hetzij de vennootschapsbelasting. Ook de gemeenten heffen belastingen op deze vertoningen, die vaak berekend zijn op basis van de bruto-ontvangsten.

Wij stellen ons dan ook de vraag in welke mate de gemeente een gelijkaardige belasting aan de inkomstenbelasting heft, wat verboden is.

In eerste instantie heeft eensluidende rechtspraak dit initiatief streng veroordeeld. De Raad van State is daarna van mening veranderd en bevestigt voortaan dat de gemeenten geen verboden belastingen heffen.

Niet in strijd met de beginselen van gelijkheid en niet-discriminatie

 

Dan rijst de bijkomende vraag: in welke mate is artikel 464, 1° van het WIB 1992, dat in die zin geïnterpreteerd wordt dat het deze belastingen op vertoningen toestaat, strijdig met de beginselen voor gelijkheid en niet-discriminatie?

Naar aanleiding van een prejudiciële vraag zal het Grondwettelijk Hof een interpretatie voorstellen om de houding van de gemeenten ten aanzien van deze voorheen verboden, 'aanvullende' belasting te verdedigen, met inachtneming van de beginselen voor gelijkheid en niet-discriminatie.



« Terug

Auteur(s)

Boryana RUSLANOVA NIKOLOVA
Laatste update
26-06-2012
Algemene voorwaarden | RSS | Nuttige links